7 misverstanden over de AOW

7 misverstanden over de AOW

Over de AOW doen veel verhalen de ronde. Sommige kloppen, andere niet meer, of nooit. Zeven misverstanden op een rij.

1. “Ik krijg AOW op de eerste van de maand na mijn verjaardag”

Niet meer. Vroeger ging de AOW in op de eerste dag van de maand waarin je 65 werd. Tegenwoordig gaat hij in op de dag dat je de AOW-leeftijd bereikt. Bekijk de AOW-leeftijd per geboortedatum.

2. “Ik kan mijn AOW eerder laten ingaan, met een korting”

Nee. De AOW gaat altijd in op je AOW-leeftijd. Eerder of later kan niet. Bij veel pensioenregelingen via je werkgever kan dat wel; zie AOW en pensioen.

3. “Iedereen krijgt hetzelfde AOW-bedrag”

Nee. Alleenstaanden krijgen meer dan samenwoners, en wie een tijd in het buitenland woonde, krijgt minder. Bereken je eigen bedrag met de AOW-bedrag calculator.

4. “Mijn AOW wordt gekort als ik ga werken”

Nee. Je mag onbeperkt bijverdienen naast je AOW. Je betaalt over dat extra inkomen wel belasting. Zie AOW en belasting.

5. “Ik krijg partnertoeslag voor mijn jongere partner”

Alleen als je daar al vóór 2015 recht op had. De partnertoeslag is voor nieuwe gevallen afgeschaft. Lees meer op AOW en samenwonen.

6. “Mijn AOW is voor mij gespaard”

Nee. De AOW werkt met een omslagstelsel: de premie die jij betaalt, gaat direct naar de AOW van de huidige gepensioneerden. Er staat geen persoonlijk AOW-potje voor je klaar. Zie hoe werkt de AOW?

7. “De Wet toekomst pensioenen verandert mijn AOW”

Nee. De nieuwe pensioenwet gaat over het pensioen via je werkgever. De AOW blijft hetzelfde. Zie Wet toekomst pensioenen en de AOW.